Fien heeft mij een tekening gegeven van ons gezin. Ik sta erin als een rechthoek.
Fien tekende ons gezin. Wouter is een cirkel, Noor een ster, Fien zichzelf een hart. Ik ben een rechthoek.
De rust die iedereen irritant vindt
39 jaar · Leuven · Leidinggevende logistiek & planning
Hanne woont net buiten Leuven, getrouwd, twee dochters van zeven en vier. Ze leidt een afdeling logistiek in een groothandel en heeft op het oog alles op orde. Ze schrijft helder en zonder poespas, met een droog grapje dat je twee zinnen later pas snapt. Hanne flipt nooit, maar als ze iets zegt, blijft het plakken.
Fien tekende ons gezin. Wouter is een cirkel, Noor een ster, Fien zichzelf een hart. Ik ben een rechthoek.
Ze bedoelde het lief. Dat maakt het erger.
Ze vroeg het aan mij. Haar eigen lievelingskleur. Ik dacht even dat ik het wist.
Hij deed het gewoon. Zonder vragen, zonder commentaar. Ik stond erbij als een stagiaire op haar eerste dag.
September begint morgen en ik heb het gevoel dat ik iets vergeten ben. Ik weet alleen niet wat.
Ze is vier. Ze stelt de vragen die ik al maanden voor me uitschuif.
Ze bedoelde haar tekening. Ik dacht aan iets anders. Dat zei ik niet.
Op het werk weet ik altijd wat er moet gebeuren. Thuis sta ik om negen uur 's avonds in de keuken en weet ik het even niet meer.
Vier jaar oud en ze ziet wat ik zelf niet wil zien. Ik heb gezegd dat ik gewoon moe was.
Ze is zeven. Ze stelde de vraag alsof het niks was. Het was iets.
Het kampschema hangt aan de koelkast, de auto is ingepland, en toch weet ik niet wat ik zelf eigenlijk wil deze zomer.
De kinderen hebben vakantie. Ik heb een planning. Dat is niet hetzelfde.
Wouter stelde een eerlijke vraag. Ik stond er even bij als iemand die zijn pincode vergeten is.
Het is 27 graden en iedereen ligt in de tuin. Ik heb de koelkast geïnventariseerd.
Wouter heeft een Excel gemaakt voor de zomervakantie. Kleurcodes en alles. Ik was benieuwd waar ik stond.
Zeven jaar oud en ze stelt de vragen die mijn therapeut niet eens durft. Ik had geen snel antwoord.
Fien vraagt wanneer het zomer begint. Ik plan magazijnen voor vijftig mensen en krijg mijn eigen vakantie niet ingeroosterd.
Het is officieel zomer. Mijn planning weet dat nog niet.
Zeven jaar oud en ze stelt de vragen die ik zelf al jaren niet meer durf te stellen.
Ze vroeg het zo gewoon, tussen de boterham en de appelmoes. Ik heb niet eens geaarzeld.
Er is een systeem. Het werkt niet. Maar het bestaat, en dat telt blijkbaar.
Niet omdat de vakantie slecht was. Alles klopte: goed huisje, goed weer, de kinderen blij.
Wouter groot. Ik iets kleiner. Noor en Fien klein. En dan naast ons: een hond.
Restaurant, geen kinderen, een gesprek dat ergens naartoe ging.
Niet als leugen. Als samenvatting.
Wouter is weg met vrienden. Ik had ook kunnen gaan maar ik wou dit: de bank, een glas wijn, niks dat af moet.
Vijf seconden, daarna gewoon gedaan.
Er zit al een tijdje een soort boekhouding in kleine opmerkingen.
Ze heeft één hap genomen en haar vork neergelegd.
Twee uur. Er was koffie.
Ik had geen goed antwoord. "Mama denkt veel," heb ik gezegd.